Statement Autonome Universiteit PCH over bezetting

Lees hier het statement van de Autonome Universiteit PCH over de bezetting van afgelopen vrijdag.

ENGLISH: Read the statement of the Autonomous University PCH here.

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Geen categorie

PC Hoofthuis Bezet!

Studenten bezetten Universiteit van Amsterdam

1.JPG

Manifest Autonome Universiteit Postcolonial House

Eisen Autonome Universiteit Postcolonial House

ENGLISH: Demands Autonomous University PCH

Persbericht:

Vanmorgen hebben studenten van de Universiteit van Amsterdam (UvA) het P.C. Hoofthuis aan de Spuistraat 134 bezet, een UvA-gebouw voor onderwijs en onderzoek. Daarmee protesteren ze tegen het bezuinigingsbeleid van het kabinet, de uitholling van het onderwijs en de publieke sector in het algemeen, en tegen het College van Bestuur (CvB) van de UvA dat veel te weinig doet aan de verslechtering van het onderwijs, het gebrek aan diversiteitsbeleid en de enorme werkdruk op de universiteit. Zij hebben zich verenigd onder de naam Autonome Universiteit Postcolonial House (PCH) en roepen iedereen die solidair met hen is op om zich bij hun protest aan te sluiten.

Dividendbelasting

Afgelopen Prinsjesdag kondigde kabinet Rutte III extra bezuinigingen aan op hoger onderwijs, passend in het patroon van onderwijsbezuinigingen en -beleid dat alleen gebaseerd lijkt te zijn op de afbraak van het hoger onderwijs. Tegelijkertijd trekt de regering structureel het exorbitante bedrag van 2 miljard euro per jaar uit om de diepe zakken van buitenlandse investeerders te vullen, door de dividendbelasting af te schaffen. De studenten eisen dat de regering deze onacceptabele maatregel per direct intrekt en het vrijgekomen geld investeert in de door bezuinigingsbeleid verscheurde publieke sector. Hiermee verklaren zij zich solidair met andere initiatieven die ook in protest komen tegen het onverantwoorde en illegitieme beleid van deze regering. De studenten eisen structurele investeringen in het hoger onderwijs en dat het kabinet de verhoging van de rente op studieleningen niet doorvoert, dat de basisbeurs weer wordt ingevoerd, en dat alle voorgenomen bezuinigingen op het hoger onderwijs geannuleerd worden.

Eisen aan het CvB

De problemen op de universiteit zijn echter niet beperkt tot Haags beleid. De universiteit is in een diplomafabriek veranderd die puur op rendement gericht is en niet op intrinsieke kwaliteit. Dit moeten de universiteitsbestuurders zich aanrekenen. Dat wat medewerkers in de publieke sector al jaren ondervinden, geldt ook voor de moderne student en docent: ze worden onder de knoet gehouden door managers en hun zinloze en verstikkende bureaucratisering. Dit wordt mede veroorzaakt door het wanbeleid van bestuurders en de organisatiestructuur van de universiteit, en kan niet simpelweg op Den Haag worden afgeschoven. Het CvB heeft gezegd de protesten voor de verbetering van het onderwijs te ondersteunen. Dit is het moment om die toezegging geloofwaardig en onvoorwaardelijk te maken. Daarom heeft de Autonome Universiteit een aantal specifiek aan het CvB gerichte eisen: dat het CvB aan alle medewerkers van de universiteit een staking toestaat, zonder dat dit tot loonkorting of disciplinaire maatregelen leidt; dat het CvB de aan Den Haag gerichte eisen publiekelijk en bij de eigen koepelorganisatie VSNU uitdraagt. Verder heeft het CvB niks gedaan met de roep om democratische vernieuwing die bleek uit het referendum 2016. Daarom eisen de studenten concrete democratiseringsmaatregelen, zoals het recht om managers op alle posities ter verantwoording te roepen en uit hun functie te ontheffen. De studenten eisen verder dat het diversiteitsrapport wordt geïmplementeerd, dat de recente bezuinigingen en ontslagen op de faculteiten Geesteswetenschappen en Maatschappij- en Gedragswetenschappen worden teruggedraaid, en dat de docent Rudolf Valkhoff opnieuw wordt aangesteld met volledige excuses voor de schandelijke manier waarop hij is ontslagen.

De autonome universiteit

Ondertussen richten de studenten en docenten en solidaire bewegingen op het PCH een autonome universiteit in. Ze gaan niet op hun handen zitten of het gebouw beschadigen. Ze maken in plaats daarvan een begin met het verwezenlijken van het ideaal van vrij en emancipatoir onderwijs. Iedereen die zich solidair verklaart met de actie – binnen en buiten de universiteit – is bovendien welkom op de Autonome Universiteit PCH. Wie evenals de studenten op activistische en creatieve wijze werkt aan een betere maatschappij, waar niet het grote geld maar de mensen zelf de dienst uitmaken, wordt opgeroepen zich bij het protest aan te sluiten.
Namens, Autonome Universiteit Postcolonial House

 

 

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Geen categorie

Nieuw jaar, nieuwe Kansen

–Sorry for the lack of translation, this post was just meant to give a quick update/overview. Hopefully it’s still understandable for non-Dutch speakers —

Het collegejaar is weer begonnen en wij zijn met een vliegende start verder gegaan waar we vorig jaar waren gebleven: In actie komen voor beter en inclusiever onderwijs. We vergaderen nog steeds elke woensdagavond in de UB met een steeds grotere groep studenten.

Vanavond, 24 september, vindt er voor de vierde maal een Night of Protest plaats. Volg het facebookevenement voor de laatste informatie, programmering en updates.

Komende vrijdag vindt er de mars voor onderwijs 2.0 plaats. We verzamelen om kwart voor twaalf op de Binnengasthuisstraat (bij BG2, achter Oudemanhuispoort). De laatste info kan je dan ook weer op facebook vinden

Beide acties vinden plaats gelijktijdig met de landelijke afgekondigde actieweek van WOinactie. Wij juichen toe dat de medewerkers van de universiteiten zich landelijk verenigd hebben. We hopen dat het een opmars is naar een daadwerkelijk luisterend oor, in Den Haag, in de media, in de universiteitsbesturen. De eerste reactie lijkt nog niet veelbelovend. Het programma van Woinactie is te vinden op hun website.

Ook het vermelden waard: hetrodevierkantje.nl . Waar nu verschillende acties vermeld worden en wellicht in de toekomst ook.

Op een heet academisch najaar!

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Geen categorie

150 medewerkers UvA steunen ontruimde studenten van Humanities Rally

Wij danken de 150 medewerkers van de UvA voor onderstaande brief. Verenigd met docenten en medewerkers kunnen studenten het verschil maken en het hoger onderwijs redden. Lees hier het Folia-artikel over de steunbetuiging.

De universiteit waar wij voor staan

Afgelopen vrijdag nam het bestuur van de Universiteit van Amsterdam de beslissing om de politie in te schakelen om studenten van de Roeterseilandcampus te laten verwijderen. Wij, onderzoekers en docenten aan de UvA, distantiëren ons van deze bestuurlijke actie die ingaat tegen de missie van onze universiteit.

Op 8 juni organiseerde een breed studentenplatform ‘De Mars voor Onderwijs’, tegen de voortschrijdende en structurele afbraak van het onderwijs die de kwaliteit van dat onderwijs bedreigt. Deze afbraak is reëel (grotere werkgroepen met minder aandacht en feedback per student, gebrek aan docenten voor reeds ingeroosterde vakken, vakken en opleidingen die verdwijnen, etc.) en is te wijten aan een algemene overheidspolitiek waarin substantieel minder middelen ingezet worden voor onderwijs en onderzoek, alsook de concrete besparingsmaatregelen die momenteel aan de UvA uitgevoerd worden. Zoals het College van Bestuur vorige week nog in een open brief aan de minister stelde: het systeem kraakt, en onze universiteiten houden deze situatie niet veel langer meer vol. Die boodschap van het College van Bestuur is er een die dagelijks door de wandelgangen van onze werkplek klinkt, en die door docenten en studenten gedeeld wordt.

Vorige week namen onze studenten deze boodschap naar de straat. Hiermee oefenden ze niet alleen hun democratisch recht van vrijheid van demonstratie uit, maar ze handelden tevens in overeenstemming met de waarden en missie van de universiteit. Het instellingsplan is duidelijk over de ambities van onze universiteit op vlak van onderwijs: het bewerkstelligen van ‘Een onderzoekende houding. Het vermogen tot reflectie. Het stellen van vragen. Het vinden van oplossingen op basis van argumentatie. En ten slotte: niet ontmoedigd raken door complexiteit, maar doortastend zoeken naar antwoorden.’

Als universitaire onderzoekers en docenten herkennen we deze ambities in de recente acties van onze studenten tegen de afbraak van het hoger onderwijs. De Mars voor Onderwijs mondde uit in verdere reflecties en conversaties in een tentenkamp op een grasveld (niet in een gebouw) op de Roeterseilandcampus, en als onderzoekers en docenten erkennen we dat onze instelling die verdere gezamenlijke reflectie en conversaties – die universitas – nodig heeft.

Laten we duidelijk zijn: politie, met honden, knuppels en pepperspray, die studenten hardhandig wegsleept van een grasveld, horen niet thuis op een universiteit. Deze dystopische beelden behoren tot een autoritaire wereld waaruit kritisch denken, maatschappelijk engagement en universitas verbannen zijn. De bestuurlijke beslissing om studenten van de campus te laten verwijderen door politie staat haaks op de missie van onze universiteit. Op vrijdagavond werd de essentie van de universiteit waar wij voor staan vertegenwoordigd door onze studenten, en niet onze bestuurders.

 

Het is nu belangrijk dat onze bestuurders zich opnieuw achter de missie van onze universiteit scharen, hun excuses aanbieden aan de studenten, en ook de bezittingen van de studenten die vernield werden bij het politieoptreden vergoeden. Het is belangrijk dat onze bestuurders de universitas herstellen. De studenten doen alvast een voorzet in hun open brief: ondanks het hardhandige optreden op vrijdagavond, reiken ze opnieuw de hand naar het College van Bestuur. Want wanneer we naar Den Haag gaan, willen we met zo veel mogelijk zijn. Wij verwachten van onze bestuurders dat ze die uitgereikte hand aannemen.

 

Dr. Orhan Agirdag (Pedagogische en Onderwijswetenschappen)

Dr. Chiel van den Akker (Wijsbegeerte)

Dr. Maria Aloni (Wijsbegeerte)

Dr. Apostolos Andrikopoulos (Antropologie)

Dr. Miriyam Aouragh (Antropologie)

Prof. dr. Krzysztof R. Apt, Emeritus hoogleraar (Informatica)

Djoeke Ardon, junior docent (Politicologie)

Dr. Rowan Arundel (Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies)

Dr. Murat Aydemir (Literatuurwetenschap)

Maryam Babur, MA (Algemene Sociale Wetenschappen & PPLE)

Prof. Dr. Veit Bader, Emeritus professor (Sociologie)

Dr. Sruti Bala (Theaterwetenschappen)

Dr. Marguerite van den Berg (Sociologie)

Prof. dr. ir. Luca Bertolini (Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies)

Dr. Joost de Bloois (Literatuurwetenschap)

Prof. dr. Rens Bod (Computational and Digital Humanities, FGW & FNWI)

Dr. Saskia Bonjour (Politicologie)

Dr. Marco Bontje (Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies)

Dr. Willem Boterman (Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies)

Dr. Sarah Bracke (Sociologie)

Drs. I.S. Breetvelt (onderzoeker FMG)

Dr. Christian Bröer (Sociologie)

Dr. Frans Camphuijsen (Geschiedenis)

Bernardo Caycedo, MA (Wijsbegeerte)

Dr. Robin Celikates (Wijsbegeerte)

Dr. Chiara De Cesari (Europese Studies en Cultuurwetenschappen)

Grace Coert (Politicologie)

Lieve de Coninck, MSc (Antropologie)

Dr. Johan de Deken (Sociologie)

Dr. Martijn Dekker (Politicologie)

Dr. Christine Delhaye (Cultuurwetenschappen)

Dr. Boris Demarest (Wijsbegeerte)

Dr. Jeff Diamanti (Literatuurwetenschap)

Lisa Dondorp (Wijsbegeerte)

Dr. Gijs van Donselaar (Wijsbegeerte)

Dr. Jeroen Doomernik (Politicologie)

Drs. Nina van Douwen (Politicologie)

Drs. Brian Droop (Economie en Bedrijfskunde)

Dr. Thea Dukes (Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies)

Dr. Rachel Esner (Kunst- en Cultuurwetenschappen)

Jana Finke, MSc (Politicologie)

Drs. Annerienke Fioole (Antropologie)

Prof. dr. Josef Früchtl (Wijsbegeerte)

Dr. Wouter van Gent (Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies)

Dr. Debby Gerritsen (Sociologie)

Dr. James Gledhill (Wijsbegeerte)

Prof. dr. Guy Geltner (Geschiedenis)

Prof. dr. Peter Geschiere, Emeritus hoogleraar (Antropologie)

Dr. Mendel Giezen (Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies)

Dr. James Gledhill (Wijsbegeerte)

Dr. Joyce Goggin (Engels)

Dr. Erella Grassiani (Antropologie)

Dr. Francio Guadeloupe (Antropologie)

Prof. dr. Hein de Haas (Sociologie)

Prof. dr. Wouter Hanegraaff (Religiewetenschappen)

Sander van Haperen, MSc (Sociologie)

Dr. Tina Harris (Antropologie)

Dr. Margriet van Heesch (Sociologie)

Dr. Myrte Hoekstra (Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies)

Dr. David Hollanders (Europese Studies)

Drs. René Hulst (Sociologie)

Dr. Oliver Human (Antropologie)

Dr. Gijsbert van Iterson Scholten(Politicologie)

Drs. Elmar Jansen (IIS / FNWI) en PPLE (FdR)

Prof. dr. Rivke Jaffe (Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies)

Prof. dr. Yolande Jansen (Wijsbegeerte)

Dr. Marie-Louise Janssen (Sociologie)

Dr. Anne de Jong (Antropologie)

Dr. Artemy Kalinovsky (Europese Studies)

Dr. Barak Kalir (Antropologie)

Geert Kapteijns, MSC (Institute of Physics)

Drs. Tanja Kassenaar (ILLC)

Dr. Kobe de Keere (Sociologie)

Dr. Machiel Keestra (Instituut voor Interdisciplinaire Studies, FNWI)

Josip Kesic, Docent (Europese Studies)

Dr. Sybrandt van Keulen (Wijsbegeerte)

Dr. Shifra Kisch (Antropologie)

Dr. Bregje de Kok (Antropologie)

Dr. Martijn De Koning (Antropologie)

Dr. Kristine Krause (Anthropologie)

Dr. Aylin Kuryel (Literatuurwetenschap)

Dr. Chunglin Kwa (Politicologie)

Yoren Lausberg, Junior docent (Sociologie)

Dr. Michiel Leezenberg (Wijsbegeerte)

Noortje de Leij (Kunstgeschiedenis en Filosofie)

Dr. Niall Martin (Literatuurwetenschap)

Dr. Rebeca Ibáñez Martín (Antropologie)

Dr. Vivienne Matthies-Boon (Politicologie)

Dr. Julie McBrien (Antropologie)

Prof. dr. Amade M’Charek (Antropologie)

Drs. Jannes van der Meer (Politieke Wetenschappen)

Dr. Paul Mepschen (Sociologie)

Prof. dr. Michael S. Merry (Pedagogische en Onderwijswetenschappen)

Peter Miller, MSc (Antropologie)

Drs. Joost Molenaar (Wijsbegeerte)

Prof. dr. Annelies Moors (Antropologie)

Dr. Eileen Moyer (Antropologie)

Dr. Benno Netelenbos (Politieke Wetenschappen)

Dr. Niels Niessen (Literatuurwetenschap)

Dr. Stefan Niklas (Critical Cultural Theory)

Dr. Arjen Noordhof (Klinische Psychologie)

Dr. Breanndán Ó Nualláin (Amsterdam University College)

Dr. Thomas Nys (Wijsbegeerte)

Dr. Peter van Ormondt (Institute for Logic, Language and Computation)

Dr. Polly Pallister-Wilkins (Politicologie)

Prof. dr. Esther Peeren (Literatuurwetenschap)

Dr. Sudha Rajagopalan (Europese Studies)

Sonia Ramotowska (ILLC)

Dr. Erik van Ree (Europese Studies)

Prof. dr. Dennis Rodgers (Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies)

Dr. Katia Hay Rodgers (Wijsbegeerte)

Eva Sancho Rodriguez, MA (ASCA-FGW)

Prof. Dr. Beate Roessler (Wijsbegeerte)

Dr. Conny Roggebrand (Politicologie)

Dr. Vincent de Rooij (Antropologie)

Dr. Enzo Rossi (Politicologie)

Dr. Katerina Rozakou (Antropologie)

Dr. Annika Rulkens (Kunst- en Cultuurwetenschappen)

Dr. Yatun Sastramidjaja (Antropologie)

Prof. dr. Eric Schliesser (Politicologie)

Dr. Joeri Scholtens (Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies)

Dr. Natalie Scholz (Geschiedenis)

Dr. Christian Skirke (Wijsbegeerte)

Fenna Smits, MSc (Sociologie)

Dr. Guido Snel (Europese Studies)

Michiel Stapper, MSc (Sociologie)

Noëlle Steneker, docent (Antropologie)

Dr. Luisa Steur (Antropologie)

Dragana Stojmenovska, MSc (Sociologie)

Dr. Jan Teurlings (Mediastudies)

Dr Leen Torenvliet (ILLC – FNWI)

Dr. Yannis Tzaninis (Sociologie)

Dr. Rudolf Valkhoff, ontslagen docent (Kunst- en Cultuurwetenschappen)

Dr. Nel Vandekerckhove (Politicologie)

Dr. Koen Vermeylen (Economie en Bedrijfskunde)

Dr. Karen Vintges (Wijsbegeerte)

Dr. Tim Verlaan (Geschiedenis)

Dr. Nanke Verloo (Planologie)

Margreet Vermeulen (ASH, FGw)

Eva Vernooij (Antropologie)

Dr. Danny de Vries (Antropologie)

Nadia de Vries, MA (Literatuurwetenschap)

Dr. Vanessa Vroon-Najem (Antropologie)

Hao Wang (Wijsbegeerte)

Drs. Rosanne van Wieringen (Interdisciplinary Social Science)

Dr. Tim Yaczo (Literatuurwetenschap)

Özgür Yalçın (Wijsbegeerte)

Dr. Emily Yates-Doerr (Antropologie)

Dr. Aslan Zorlu (Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies)

Dr. Dirk Damsma (Economie en Bedrijfskunde)

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Geen categorie

Open brief aan het CvB

Geachte mevrouw Ten Dam, geacht College van Bestuur van de Universiteit van Amsterdam,

Vrijdag 8 juni organiseerden wij, Humanities Rally, samen met New University en ASVA de Mars voor Onderwijs in Amsterdam. De actie was bedoeld om aandacht te vragen voor de structurele bezuinigingen op het onderwijs, en om het belang van een democratische en emancipatoire universiteit te onderstrepen. De bezuinigingen en zowel het gebrek aan inspraak als aan diversiteit, maken goed beleid binnen onderwijsinstellingen onmogelijk. Slecht beleid leidt tot slecht onderwijs. Om het concreet te maken: overwerkte studenten en docenten, vakken die verdwijnen, studies die verdwijnen, overvolle werkgroepen, te weinig begeleiding en heel veel kennis die verloren gaat.

Om bezoekers inhoudelijk te informeren over deze problematiek, hadden wij tentjes opgezet op de campus van het Roeterseiland. Op deze manier waren wij van plan informatiepunten te vormen en op het terrein te overnachten. We hadden niet verwacht dat er veel protest vanuit het College van Bestuur (CvB) zou komen, gezien het feit dat u in een open brief van 5 juni liet weten dat ook u vindt dat het zo niet door kan met de “structurele onderfinanciering van het onderwijs”.

Het inschakelen van de politie laat ons dus achter met een verward gevoel. De gebeurtenissen na tien uur ‘s avonds waren bruut en de beelden spreken voor zich: honden, pepperspray en knuppels. Er zijn Kamervragen gesteld. Hoe moeten wij ons verhouden tot een groep die het in principe met ons eens is, maar onze poging om verdere aandacht te vragen voor het gemeenschappelijke probleem afkapt met zinloos geweld? Geert ten Dam, u verklaarde dat u het terrein ‘gewoon nodig had’ voor de Universiteitsdag. We zijn de volgende dag met een grote groep geschrokken studenten en docenten op hetzelfde veldje samengekomen. Dat kon, want het veldje was leeg. Erg jammer, want wij hadden er kunnen staan met onze informatiepunten voor de oud-studenten op de Universiteitsdag.

Toen wij u de volgende dag wilden uitnodigen om uw verhaal te doen bij onze vergadering, was u al vertrokken via de achteringang. Ook dit was verwarrend; amper een half uur daarvoor zei u met ons in gesprek te willen gaan. Op basis van uw verklaringen in de media kunnen we nu alleen maar gissen dat het CvB bang was voor een nieuwe bezetting. Deze keer niet van een gebouw, maar van een modderig speelveldje.

Daarom staat het CvB wat ons betreft nu voor een keuze: u moet kleur bekennen. Óf u laat het bij die paar sympathieke woorden, om vervolgens het bezuinigingsbeleid verder door te zetten. Wanneer de kwaliteit van het onderwijs blijft kelderen, goede docenten hun banen verliezen, en er voor ons geen vakken meer over zijn om tussen te kiezen, weten we in ieder geval dat die woorden leeg waren. Óf u komt op voor de academische gemeenschap, en u verzet zich tegen het Haagse beleid dat u zo verschrikkelijk zegt te vinden. Wij komen hoe dan ook met meer acties en we kunnen uw steun goed gebruiken.

Welke keuze het ook wordt, pas als het CvB een keuze heeft gemaakt kunnen wij een dialoog met hen aangaan. Als het CvB dan daadwerkelijk met ons in gesprek wil als een gelijke partij, lijkt een afkeuring van het geweld het allerminste, en excuses een mooi begin. Op dit moment stelt u namelijk dat u aan onze kant staat, terwijl u geen vinger uitsteekt om onze universiteit daadwerkelijk te behoeden voor een toekomst die even leeg is als de woorden van Geert ten Dam. Dus, voorzitter, wat wordt het?

Als we zelf een suggestie mogen doen, stellen we het volgende voor: u verzet zich, zo lang als nodig. Tegen de bezuinigingen die Den Haag onze universiteit oplegt. Tegen de torenhoge werkdruk voor docenten. Tegen het verdwijnen van vakkennis en onmisbare specialisatie. Tegen de bureaucratische hel die u democratisering noemt. Laat zien dat de universiteit uiteindelijk bestaat voor de academische gemeenschap, niet voor het bestuur.

Hartelijke groet,
Humanities Rally

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Geen categorie

Opheffing Humanities Rally Partij

For English see below

Beste allemaal,

Met onderstaande brief maakt Humanities Rally Partij zijn opheffing en de redenen daarvoor bekend. Zoals ook uit de brief zal blijken, betekent dit echter niet het einde van Humanities Rally. De strijd tegen de bezuinigingen en daarbij tegen de verschraling van het onderwijs is allesbehalve ten einde. Wij herpakken ons en zullen terugkeren als actiebeweging. Wij strijden door tegen de verdwijning van specialisme, het verdwijnen van keuzeruimte, de groeiende internationalisering die ten koste gaat aan de kwaliteit van het onderwijs en de werkdruk waaraan het personeel van de universiteit ten onder gaat. Wij roepen iedereen die dit leest op zich bij ons te voegen.

Volgende week woensdag zullen we de eerste bijeenkomst organiseren. Op 18 april om 20:00 komen we samen in De Doelenzaal in de Universiteitbibliotheek.

Hartelijke groeten,

Humanities Rally

Evenement Link: https://www.facebook.com/events/1863252177060063/?notif_t=plan_user_invited&notif_id=1523301648333243

Brief: https://humanitiesrally.files.wordpress.com/2018/04/humanities-rally.pdf

In English

Dear all,

In the letter below Humanities Rally Party announces its discontinuation and the reasons for this decision. Unfortunately there is only a Dutch version of the letter, but a translation will follow soon. The letter makes clear that the discontinuation of the party won’t mean the end of Humanities Rally. The fight against austerity and thereby the fight against the impoverishment of education is unfortunately all but over. We will make our return as an action group. We will keep on fighting against the disappearance of specialism, the disappearance of electives, the growing internationalization at the the expense of the quality of education and the pressing workload the staff of the university suffers from. We call upon everyone who reads this to join us.

Next week we will organize our first meeting. On the 18th of April at 20:00 we will come together in De Doelenzaal at the University Library.

Best,

Humanities Rally

Event Link: https://www.facebook.com/events/1863252177060063/?notif_t=plan_user_invited&notif_id=1523301648333243

Letter is being translated to English, you can find the Dutch letter here.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Geen categorie

Het Verkiezingsprogramma Staat Online

Lees hier de volledige versie.

Of de puntige samenvatting.

Speerpunten

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Geen categorie

Stem van 10 t/m 16 mei op Humanities Rally Partij

Voor het derde jaar doet Humanities Rally Partij mee aan de studentenraadverkiezingen aan de Faculteit der Geesteswetenschappen van de UvA!

Van 10 t/m 16 mei kan je op ons stemmen via stem.uva.nl

Het blijven spannende tijden aan de FGw. De bezuinigingen gaan door, keuzeruimte wordt steeds meer beperkt en kleine studies blijven onder druk staan. Verzet tegen deze maatregelen blijft nodig! Tegelijkertijd geven de uitkomsten van Commissie Democratisering & Decentralisering de mogelijkheid om bestuursstructuren echt te veranderen.

Genoeg reden dus om Humanities Rally te stemmen.  Wij blijven ons inzetten voor democratisering en decentralisering, behoud van kleine studies en specialisaties, vrijheid van studenten en docenten.

Bekijk hier alvast onze lijst.

18221554_1422550521148386_6442445844703852709_n

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Geen categorie

Vote Green

A student has shared her views on the referendum with us by sending us a filled out voting form. We agree with her views and argumentation and therefore publish it here as a more elaborate voting advise; we advise green governance model for a self-organising university, the implementation of a charter and a broad senate.

SENATE

First, we would like your opinion of the idea of installing a ‘senate new style’.

Those who wish to read more about this topic will find a description of the purpose and composition of the ‘senate new style’ below the question. At the bottom of the page you will also find the “next” button.

  1. What is your opinion regarding the instalment of a ‘senate new style’?
  • Very negative
  • Negative
  • Neutral
  • Positive
  • Very positive
  • Do not know, no opinion
  1. If you wish, you can elaborate on your answer below.

A broad senate will give us the opportunity to finally have a good discussion about the goal of our university. A senate can also guarantee the core values of our university in both centralized and decentralized policies.

Purpose and composition of the senate new style

The D&D committee proposes to install a ‘senate new style’: a representative forum designed to function as a critical ‘conscience’ and to safeguard the values on which policy and governance at the University of Amsterdam are based. The ‘senate new style’ will advise the university community and the governing board on a range of policy issues that concern the university as a whole.

Regarding the senate’s composition, the committee finds that this ‘senate new style’ should have seats for permanent academic staff (including full professors), temporary academic staff, students, PhD candidates, faculty deans, members of the Executive Board, and support staff. Preparatory work will involve broadly composed working groups and open consultation with the community.

The ‘senate new style’ should prevent discussions on the future of education and research at the UvA from being overdetermined by particular interests or by issues of the day instead of by valid arguments, broad discussion, and careful deliberation.

CHARTER

The following questions concern the proposal to establish a charter with a number of core values that underpin governance and policy at the University of Amsterdam.

You are asked here to assess a number of different core values that could be important for governance and policy at the University of Amsterdam. But first we would like to know what you think about the idea of a charter as the foundation of governance and policy at the University of Amsterdam, in principle.

For more information about this topic, see the explanatory note on the meaning and implications of a charter for the University of Amsterdam below the question. At the bottom of the page you will also find the ‘next’ button.

  1. How do you feel, in principle, about the idea of a charter as the foundation of governance and policy at the University of Amsterdam?
    • Very negative
    • Negative
    • Neutral
    • Positive
    • Very positive
    • Do not know, no opinion
  1. If you wish, you can elaborate on your answer below.

A charter can ensure that centralized and decentralized management takes certain core values into account. These values include pluralism in academic perspectives, and general diversity policy.

The importance of the ‘Charter of the University of Amsterdam’

A charter provides an answer to the question: “What kind of organisation are you, what does this organisation stand for, and why is this valuable?” But also: “Do you see these values reflected in what the organisation does, and is this clear to others as well?” The charter lists the core values that underpin governance and policy. By anchoring these values in a charter, these values are no longer non-committal since the university explicitly commits to upholding them. In a rapidly changing world, with all the unavoidable tensions and problems that an organisation like the UvA faces, an orientation based on fundamental values is especially important.

<If the answer to question 3 is: very positive, positive, neutral or do not know, then go to: CORE VALUES A>

<If the answer to question 3 is: very negative, negative, then go to CORE VALUES B>

CORE VALUES A

The following questions are about the eight core values that could play an important role in governance and policy at the University of Amsterdam. For each of these questions we would like to know whether you think it should be included in the charter.

<the values will be presented in a random order>

The relationship between the university and society

  1. ‘University education and research are a public good and at the same time inextricably connected with critical distance and academic freedom.’

Do you think this value should be included in the UvA charter of core values?

  • Certainly not
  • Probably not
  • Probably yes
  • Certainly yes
  • Do not know, no opinion
  1. If you wish, you can elaborate on your answer below.

Although it is important to understand and maintain ties with society, research should not be evaluated simply on its “usefulness” for producing a product or solving a particular problem. Academic education must take into account that a research field which does not seem directly useful at the moment might prove itself to be very fruitful in the future.

The dynamics of knowledge production

  1. ‘Scientific research at universities is aimed at the development and use of new scientific knowledge in a (trans)national context.’

Do you think this value should be included in the UvA charter of core values?

  • Certainly not
  • Probably not
  • Probably yes
  • Certainly yes
  • Do not know, no opinion
  1. If you wish, you can elaborate on your answer below.

I’m not sure what they mean by this

Developing critical academic thinking

  1. ‘Fostering the capacity for critical thinking and academic reflection is one of the distinguishing features of an academic education, regardless of whether students are preparing for a career in science or elsewhere.’

Do you think this value should be included in the UvA charter of core values?

  • Certainly not
  • Probably not
  • Probably yes
  • Certainly yes
  • Do not know, no opinion
  1. If you wish, you can elaborate on your answer below.

The critical scientific attitude, meaning among other things the ability to place processes in a wider context, is very important given our increasingly complex society. This attitude is not just about doing research by following the rules of a specific field, or about learning techniques that can immediately be put into practice. A critical attitude can contribute to a research field that does not dogmatically hold on to its past, but which instead allows room to develop various perspectives.

University community

  1. ‘The university is a community of academic staff, support staff, and students, in which arguments and mutual respect are more important than formal positions and hierarchy. This community should do justice to the differences among its members regarding their ambitions, cultural and intellectual background, and personal circumstances.’
  1. Do you think this value should be included in the UvA charter of core values?
  • Certainly not
  • Probably not
  • Probably yes
  • Certainly yes
  • Do not know, no opinion
  • If you wish, you can elaborate on your answer below.

A climate of mutual respect and cooperation is conducive to research, studying, teaching, and working. Everyone can always learn from everyone else, and such an atmosphere can contribute to our development as people.

Decentralisation

  1. ‘The university’s organisation should be reduced to a minimal amount of governance levels, with responsibilities and authorities clearly distinguished at each level in order to enhance the autonomy and ownership of students and staff regarding their own working conditions.’

Do you think this value should be included in the UvA charter of core values?

  • Certainly not
  • Probably not
  • Probably yes
  • Certainly yes
  • Do not know, no opinion
  1. If you wish, you can elaborate on your answer below.

People know best what works for themselves: how they can give shape to their work or studies, how they can transmit knowledge most effectively, how to administer their own work, how they learn most successfully. There should be a certain level of trust in the abilities of coworkers and students, as both are professionals in their own way.

Autonomy

  1. ‘Employees should be enabled as much as possible to organise their own activities, both independently and in consultation with their colleagues.’

Do you think this value should be included in the UvA charter of core values?

  • Certainly not
  • Probably not
  • Probably yes
  • Certainly yes
  • Do not know, no opinion
  1. If you wish, you can elaborate on your answer below.

Academic staff are experts in their academic fields, and they know best how to teach the substance of their subject-area. Support staff are experts in their own areas, and therefore know best how to carry out their own tasks.

Co-determination

  1. ‘The representative councils for students and staff are designed for the purpose of determining, together with the board, collective and shared ambitions, and to develop together a coherent policy that corresponds to these ambitions.’

Do you think this value should be included in the UvA charter of core values?

  • Certainly not
  • Probably not
  • Probably yes
  • Certainly yes
  • Do not know, no opinion
  1. If you wish, you can elaborate on your answer below.

Since students and staff are the ones who are the best at giving shape to their education, research, or other tasks, they should also be able to set policy. At the moment, students and staff are subjected to policies that are set in a top-down manner, which they have had no say in determining. They are made responsible for the execution of policies but not their formation, even though students and staff expertise can be much more effectively utilized.

Good governance

  1. ‘Whoever takes on an administrative function respects the specific character of the university and the freedom of staff and students to use public means for the benefit of education, research, and social services.

Do you think this value should be included in the UvA charter of core values?

  • Certainly not
  • Probably not
  • Probably yes
  • Certainly yes
  • Do not know, no opinion
  1. If you wish, you can elaborate on your answer below.

Students and staff are more than capable of deciding how to do their work. Although mistakes can be made, giving people responsibility and decision-making power will allow them to actually learn from these mistakes.

CORE VALUES B ARE NOT FILLED IN

 

 

<If your answer to the previous question was YES: continue with question 38> <If your answer to the last question was NO: continue with question 39>

  1. Give a short description of the value(s) that you would like to add below. If you wish to add more than one question, please start with the most important one. Select ‘next’ once you are done.
  • Diversity of staff and students should be ensured, because this contributes to a broader academic perspective
  • Diversity of curriculums should be ensured, because this allows us to understand varying ideas and perspectives. In this manner the aforementioned “critical scientific attitude” can be maintained.

PRINCIPLES FOR DEMOCRATISATION AND DECENTRALISATION

The following questions are about the principles that are fundamental to the democratisation and decentralisation of the organisation and governance of the University of Amsterdam. Please choose your preferred principle for every question. The coloured dots refer to the four models for governance and organisation that have been designed by the committee. Each answer refers to one or several of the models.

The four models are presented briefly below. Click ‘next’ at the bottom of the page to continue.

The blue model

  • The current situation: Administrators take decisions. Workers and student councils at the university and faculty level have limited advisory and corrective functions (the right to advise and the right to consent).
  • Faculties have separate organisations for education, research and staff. There are no formal representative councils within these decentral units. They are managed by administrators appointed by the dean.

The orange dual model

  • Administrators take decisions. Workers and student councils at the university and faculty level have a strong corrective role. Aside from the right to advise and the right to consent, they also have the right of initiative and the right of amendment.
  • Faculties have separate organisations for education, research and staff, with administrators appointed by the dean. Within these units some kind of representative body will be installed.

The yellow participatory model

  • Councils composed of staff and students determine policy at the central and faculty level. An elected executive board prepares and implements policy.
  • Within faculties, the responsibility for education, research, finances and personnel lies primarily with decentralised units at discipline level. These are governed by the joint councils composed of students and staff, which also elect the daily executive board.

The green self-organising model

  • Councils composed of staff and students determine policy at the central and faculty level. An elected executive board prepares and implements policy.
  • Within faculties, the responsibility for education, research, finances and personnel lies primarily with decentralised units at discipline level. Students and staff have the opportunity to design the organisation and governance of these units themselves.
  • Within four years a decision will be made on the desirability of maintaining governance at the faculty level, based on evaluations.

<For each of these topics, the options – but not the questions – are presented in random order. The last two options below will always be mentioned last.>

The following questions concern six themes:

  1. Governance at the central level
  2. Governance at the faculty level
  3. Governance at a decentral level (currently: education, research institutes, departments)
  4. Organisation within the faculty
  5. Openness of and participation in governance
  6. Maintaining the current faculties
  1. What is your preference concerning UvA governance at the central level?
  • An Executive Board, appointed by the Supervisory Board, is responsible for policy. The central workers and student councils have limited rights of advice and consent and cannot initiate new policies
  • An Executive Board, appointed by the Supervisory Board, is responsible for policy. The central workers and student councils will have more authority, as well as the right to amend decisions and the right to initiate new policies
  • An elected university council, composed of students and staff, determines the policy of the university. The Executive Board is accountable to this council. Board members are appointed by the university council
  • I do not have an opinion on this
  • I am against all of the options above
  1. If you wish, you can elaborate on your answer below.

Students and staff are the ones who are the best at giving shape to their education, research, or other tasks. Therefore it makes sense that students and staff should be able to decide on policy, instead of leaving it to a group of managers who are appointed by obscure decision-making bodies, and who are only responsible to these obscure bodies.

  1. What is your preference concerning UvA governance at the faculty level?
  • A dean, appointed by the Executive Board, is responsible for policy. The workers and student councils have limited rights of advice and consent but cannot initiate new policies
  • A dean, appointed by the Executive Board, is responsible for policy. Every faculty has a workers’ and a student council and these councils will have extended powers. They will also gain the right of amendment, which allows them to propose changes to policies
  • A faculty council composed of students and staff determines faculty policy. The council is elected by students and staff members. The dean is accountable to the council; the council elects the dean
  • I do not have an opinion on this
  • I am against all of the options above
  1. If you wish, you can elaborate on your answer below

Since students and staff are the ones who are experts in what they have to do, they should be able to decide how these tasks are managed. Deans should therefore take on a subordinate, facilitating role.

 

  1. What is your preference concerning governance at a decentral level?
  • Department chairs and directors of education institutes (the current colleges and graduate schools) and research institutes are appointed by the dean. They can be held accountable by the faculty’s representative councils through the deans.There are no formal representative bodies within these institutes and departments
  • Department chairs and directors of education and research institutes are appointed by the dean. Departments and education and research institutes will have their own representative bodies
  • Decentralised units at the discipline level are integrally responsible for education, personnel and finances. There is an elected governance council composed of staff and students. These will prepare and implement policy
  • Staff and students will be given the opportunity to design governance and organisation for the decentralised units, which are responsible for education, research, personnel and finances within a certain discipline, themselves 
  • I do not have an opinion on this
  • I am against all of the options above
  1. If you wish, you can elaborate on your answer below.

Students and staff know best how they want to study, work, and do research. Giving them the opportunity to give shape to these tasks themselves with improve the quality of the education, work, and research, because people will feel like they have ownership over their own academic lives.

  1. What is your preference concerning organisation at a decentral level within the faculties?
  • Faculties consisting of separate departments, colleges, schools and research institutes.
  • Faculties consisting of independent decentral units per discipline which are integrally responsible for education, research, finances and personnel.
  • I do not have an opinion on this
  • I am against all of the options above
  1. If you wish, you can elaborate on your answer below.

Every academic field uses a different form of education, organization, and research. Although overlap does exist, and interdisciplinary initiatives should be given room to flourish, students and staff know best what is necessary for their particular field. When the form of teaching is set by centralized organs, this also affects the content of what is taught. When there is friction between the form of teaching enforced from higher up and the necessities of a given field, this can damage the quality of education.

  1. What is your preference concerning the openness of and participation in governance and policy at the UvA?
  • Access to information prior to and following decisions taken in meetings with the workers and student councils should be improved
  • The representativeness of the councils and representative bodies should be improved significantly in order to ensure more transparency and opportunities for participation, for instance through the introduction of online platforms that stimulate discussion, meetings for discussion, meeting for decision making, and themed conferences
  • I do not have an opinion on this
  • I am against all of the options above
  1. If you wish, you can elaborate on your answer below.

At the moment, managers are often difficult to reach, and the responsibilities and opportunities to participate are unclear. Students and staff therefore feel less involved in policy-making, and this impacts the quality of management.

  1. What is your preference concerning the continuation and organisation of the faculties?
    • Maintain the current division into faculties
  • Evaluate the purpose and necessity of maintaining the faculty level every four years
  • I do not have an opinion on this
  • I am against all of the options above

 

  1. If you wish, you can elaborate on your answer below.

I’m unsure as to what this would entail, but if this is done by the people involved and not by managers – meaning if the green model is implemented – this evaluation could be a good idea. 

 

GOVERNANCE MODELS

The Democratisation and Decentralisation committee has distinguished four models of governance and organisation. These models are the result of a combination of the principles from the previous question.

You will find descriptions of the different models for governance and organisation below the question. The ‘next’ button can be found at the bottom of the page.

  1. You can now state your opinion on the four governance models themselves. Which model do you prefer most? Click on this model. Arrange the models in an order from the one you prefer most to the one you prefer least.

The option you click on first will be number 1 in your ranking. If you click on a selected option it will disappear from the list. You do not have to rank all the options.

  • The blue model
  • The orange dual model (3)
  • The yellow participatory model (2)
  • The green self-organising model (1)
  • I do not have an opinion on this
  • I am against all of the options above
  1. If you wish, you can elaborate on your answer below:

In accordance to what I have indicated previously, I believe students and staff are more than capable of deciding what is important for the work, research, or study they do. They should therefore have the opportunity to give shape to this work together, because the form does definitely have impact on the content. People can make well-informed decisions, and when mistakes are made these can be learned from and overcome. Doing this at a small scale will make involvement in policy-making easier, which will in turn make these policies more responsive to the actual necessities of those involved. Furthermore, it will lessen the impact of mistakes, as these can be noticed and flexibly evaluated on time, and will not require large-scale reorganizations.

Four models for governance and organisation

The blue model

  • The current situation. Administrators take decisions. Workers and student councils at the university and faculty level have limited advisory and corrective functions (the right to advise and the right to consent).
  • Faculties have separate organisations for education, research and staff. There are no formal representative councils within these decentral units. They are managed by administrators appointed by the dean.

The orange dual model

  • Administrators take decisions. Workers and student councils at the university and faculty level have a strong corrective role. Along with the right to advise and the right to consent, they also have the right of initiative and the right of amendment.
  • Faculties have separate organisations for education, research and staff, with administrators appointed by the dean. Within these units some kind of representative body will be installed.

The yellow participatory model

  • Councils composed of staff and students determine policy at the central and faculty level. An elected executive board prepares and implements policy.
  • Within faculties, the responsibility for education, research, finances and personnel lies primarily with decentralised units at the discipline level. These are governed by the joint councils composed of students and staff, which also elect the daily executive board.

The green self-organising model

  • Councils composed of staff and students determine policy at both central and faculty level. An elected executive board prepares and implements policy.
  • Within faculties, the responsibility for education, research, finances and personnel lies primarily with decentralised units at discipline level. Students and staff have the opportunity to design the organisation and governance of these units themselves.
  • Within four years a decision will be made on the desirability of maintaining the faculty level, based on evaluations.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Artikelen

Stem Groen

Hieronder is een ingevuld stemformulier te vinden voor het referendum. Het formulier is ons gestuurd door een student die groen stemt, voor een charter en senaat is. Ook is zoveel mogelijk aangegeven waarom er een bepaalde keuze is gemaakt. Wij konden ons vinden in de argumentatie en de stemkeuzes en hebben daarom besloten dit met u te delen als beter uitgewerkt stemadvies.

 

SENAAT

Als eerste willen we graag uw mening over het idee om een ‘senaat nieuwe stijl’ in te stellen.

Indien u meer informatie wilt lezen over dit onderwerp: onder de vraag staat een beschrijving van het doel en de samenstelling van de ‘senaat nieuwe stijl’. Onderaan de pagina vindt u ook de knop “volgende”.

  1. Hoe staat u tegenover de invoering van zo’n ‘senaat nieuwe stijl’?

❍ Zeer negatief

❍ Negatief

❍ Neutraal

❍ Positief

Zeer positief

❍ Weet niet, geen mening

  1. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    Een brede senaat geeft de mogelijkheid om eindelijk goed te discussiëren over waar de universiteit voor staat. Ook kan de senaat er voor zorgen dat de kernwaarden van de universiteit gewaarborgd worden als er decentraal en centraal beleid wordt gemaakt.

    Doel en samenstelling van de senaat nieuwe stijl
    De commissie D&D stelt een ‘senaat nieuwe stijl’ voor: Een representatief forum dat waakt over de waarden die ten grondslag liggen aan het beleid en bestuur van de Universiteit van Amsterdam en fungeert als kritisch ‘geweten’. De ‘senaat nieuwe stijl’ adviseert de universitaire gemeenschap en haar bestuur over beleidsvraagstukken op verschillende terreinen die de universiteit als geheel aan gaan.
    Qua samenstelling denkt de commissie dat er in deze ‘senaat nieuwe stijl’ zetels zouden moeten zijn voor vast aangesteld wetenschappelijk personeel (inclusief hoogleraren), tijdelijk wetenschappelijk personeel, studenten, promovendi, de decanen van de faculteiten, collegeleden en medewerkers van de ondersteunende diensten. Het voorbereidend werk gaat via breed samengestelde werkgroepen en open raadpleging van de gemeenschap.
    De ‘senaat nieuwe stijl’ moet voorkomen dat discussies over de toekomst van onderwijs en onderzoek aan de Universiteit van Amsterdam te veel bepaald wordt door strijd over deelbelangen of de waan van het moment in plaats van argumenten en brede gedachtewisseling en afweging.

CHARTER

De volgende vragen gaan over het idee om een charter vast te stellen met daarin een aantal kernwaarden die ten grondslag liggen aan het bestuur en beleid van de Universiteit van Amsterdam.

We vragen u zo een aantal verschillende kernwaarden te beoordelen die een belangrijke rol kunnen spelen bij het bestuur en beleid van de Universiteit van Amsterdam. Maar eerst zijn we benieuwd hoe u in beginsel staat tegenover het principe van een charter als grondslag voor het beleid en bestuur van de Universiteit van Amsterdam.

Indien u meer informatie wilt lezen over dit onderwerp: onder de vraag staat een toelichting bij de betekenis van een charter voor de Universiteit van Amsterdam. Onderaan de pagina vindt u ook de knop “volgende”.

  1. Hoe staat u in beginsel tegenover het principe van een charter als grondslag voor het beleid en bestuur van de Universiteit van Amsterdam?

❍ Zeer negatief

❍ Negatief

❍ Neutraal

❍ Positief

Zeer positief

❍ Weet niet, geen mening

  1. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    Een charter kan ervoor zorgen dat beleid dat decentraal en centraal gemaakt wordt wel bepaalde kernwaarden in ogenschouw neemt, zoals diversiteitbeleid en een verscheidenheid aan academische perspectieven in het curriculum.

    Het belang van het ‘Charter van de Universiteit van Amsterdam’
    Een charter geeft een antwoord op de vraag: ‘Wat ben je voor organisatie, waar staat die organisatie voor en waarom is dat de moeite waard?’ Maar ook: ‘Herken je dat in wat de organisatie doet en herkent de omgeving dat ook?’ Het charter bevat de kernwaarden die aan bestuur en beleid ten grondslag liggen. Door deze waarden vast te leggen verbindt de universiteit er zich expliciet aan en worden deze waarden minder vrijblijvend. Juist in een snel veranderende wereld en de onvermijdelijke spanningen en problemen binnen een organisatie als de UvA is een oriëntatie op kernwaarden belangrijk.

    <Indien het antwoord op vraag 3 is: zeer positief, positief, neutraal of weet niet, geen mening dan naar: KERNWAARDEN A>
    <Indien het antwoord op vraag 3 is: zeer negatief, negatief dan naar KERNWAARDEN B>

KERNWAARDEN A

De volgende vragen gaan over acht kernwaarden die een belangrijke rol kunnen spelen bij het bestuur en beleid van de Universiteit van Amsterdam. Wij willen bij elk van deze uitspraken van u weten of u vindt dat deze in het charter moet worden opgenomen.
<de waarden worden in random volgorde aangeboden>
De verbondenheid tussen universiteit en samenleving

  1. ‘Universitair onderwijs en onderzoek zijn een publieke zaak en tegelijkertijd onlosmakelijk verbonden met kritische distantie en academische vrijheid.’

Vindt u dat deze waarde in het charter van kernwaarden van de UvA moet worden opgenomen?

❍ Zeker niet

❍ Waarschijnlijk niet

❍ Waarschijnlijk wel

Ja, zeker wel

❍ Weet niet, geen mening

  1. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    Hoewel er gekeken moet worden naar wat er speelt in de samenleving, moet onderzoek niet volledig beoordeeld worden op het “nut” dat het kan hebben om een product te produceren of probleem op te lossen. Bij onderwijs moet er rekening mee worden gehouden dat een bepaald vakgebied op een later moment zeer belangrijk kan blijken al is dat nu niet direct zichtbaar.

De dynamiek van kennisontwikkeling

  1. ‘Universitair wetenschappelijk onderzoek richt zich op de ontwikkeling en het gebruik van nieuwe wetenschappelijke kennis in (trans)nationale verbanden.’

Vindt u dat deze waarde in het charter van kernwaarden van de UvA moet worden opgenomen?

❍ Zeker niet

❍ Waarschijnlijk niet

❍ Waarschijnlijk wel

❍ Ja, zeker wel

Weet niet, geen mening

  1. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    Ik weet niet wat hiermee wordt bedoeld.

    Ontwikkeling van een kritische wetenschappelijke houding

    9. ‘Bevordering van een kritische wetenschappelijke houding en denkwijze is het onderscheidend kenmerk van universitair onderwijs, ongeacht of studenten zich voorbereiden op een carrière in de wetenschapsbeoefening of daarbuiten.’

    Vindt u dat deze waarde in het charter van kernwaarden van de UvA moet worden opgenomen?
    ❍ Zeker niet
    ❍ Waarschijnlijk niet
    ❍ Waarschijnlijk wel
    Ja, zeker wel
    ❍ Weet niet, geen mening

    10. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    De kritisch wetenschappelijke houding, dat wil zeggen het in breder perspectief kunnen plaatsen van bepaalde ontwikkelingen en gebeurtenissen, is iets dat in een steeds complex wordende samenleving zeer belangrijk is. Het gaat niet enkel om het kunnen doen van onderzoek volgens bepaalde vakspecifieke regels, of het leren van vaardigheden die direct in de praktijk kunnen worden ingezet. Een kritische houding en denkwijze dragen bij aan een maatschappij en een vakgebied dat niet dogmatisch blijft hangen in een bepaalde denkwijze, maar waar ruimte is voor ontwikkeling en verschillende perspectieven.

Universitaire gemeenschap

  1. ‘De universiteit is een gemeenschap van wetenschappelijk personeel, ondersteunend personeel en studenten waarin argumenten en onderling respect belangrijker zijn dan formele posities en hiërarchie, die tevens recht doet aan verschillen tussen haar leden in ambities, culturele en intellectuele achtergrond en persoonlijke omstandigheden.’

Vindt u dat deze waarde in het charter van kernwaarden van de UvA moet worden opgenomen?

❍ Zeker niet

❍ Waarschijnlijk niet

❍ Waarschijnlijk wel

Ja, zeker wel

❍ Weet niet, geen mening

  1. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    In een klimaat waar wederzijds respect en samenwerking plaatsvindt, kunnen mensen beter hun werk verrichten of hun studie volgen. Iedereen kan altijd van anderen leren, en een dergelijk klimaat draagt bij aan de ontwikkeling van personen.

    Decentralisering

    13. ‘De universitaire organisatie heeft een zo beperkt mogelijk aantal bestuurlijke niveaus. Taken en bevoegdheden van elk zijn duidelijk onderscheiden ter bevordering van autonomie en eigenaarschap van studenten en medewerkers inzake de eigen werksituatie.’

    Vindt u dat deze waarde in het charter van kernwaarden van de UvA moet worden opgenomen?
    ❍ Zeker niet
    ❍ Waarschijnlijk niet
    ❍ Waarschijnlijk wel
    Ja, zeker wel
    ❍ Weet niet, geen mening

    14. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    Iedereen weet zelf het beste hoe zij hun werk of studie kunnen vormgeven, wat voor hen werkt; hoe kennis het beste overgebracht kan worden, hoe administratie zo effectief mogelijk wordt bijgehouden, hoe kennis opgenomen kan worden. Er moet sprake zijn van vertrouwen in de competenties van de medewerkers en studenten, zij zijn immers professionals op hun eigen manier.

Autonomie

  1. ‘Medewerkers worden zo veel mogelijk in staat gesteld om in collegiaal overleg en zelfstandig hun werkzaamheden te organiseren.

Vindt u dat deze waarde in het charter van kernwaarden van de UvA moet worden opgenomen?

❍ Zeker niet

❍ Waarschijnlijk niet

❍ Waarschijnlijk wel

Ja, zeker wel

❍ Weet niet, geen mening

  1. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    Academisch personeel is zeer gespecialiseerd en weet zelf heel goed hoe kennis van een bepaald vakgebied het best overgedragen kan worden. Ondersteunend personeel is gespecialiseerd op hun eigen vakgebied en weet daarom zelf hoe hun taken het best uitgevoerd kunnen worden.

    Zeggenschap

    17. ‘De zeggenschap van medewerkers en studenten is erop gericht om samen met het bestuur collectieve en gedeelde ambities en een daarmee samenhangend beleid vast te stellen.’

    Vindt u dat deze waarde in het charter van kernwaarden van de UvA moet worden opgenomen?
    ❍ Zeker niet
    ❍ Waarschijnlijk niet
    ❍ Waarschijnlijk wel
    Ja, zeker wel
    ❍ Weet niet, geen mening

    18. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    Aangezien medewerkers en studenten zelf het beste weten hoe zij onderwijs willen geven, krijgen, onderzoek willen doen, of hun taken uit willen voeren, dienen zij ook de mogelijkheid te hebben om beleid vast te stellen. Nu is het vaak zo dat medewerkers en studenten enkel onderhevig zijn aan beleid dat van bovenaf wordt opgelegd en waar zij zelf niet over hebben meebesloten. Zij zijn dus enkel verantwoordelijk voor de uitvoering, terwijl hun expertise veel beter benut kan worden.

Deugdelijk bestuur

  1. ‘Wie bestuurlijke functies op zich neemt, respecteert het karakter van de universiteit en de vrijheid van medewerkers en studenten om met publieke middelen inhoud te geven aan onderwijs, onderzoek en maatschappelijke dienstverlening.’

Vindt u dat deze waarde in het charter van kernwaarden van de UvA moet worden opgenomen?

❍ Zeker niet

❍ Waarschijnlijk niet

❍ Waarschijnlijk wel

Ja, zeker wel

❍ Weet niet, geen mening

  1. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    Medewerkers en studenten zijn goed in staat zelf hun taken vorm te geven. Hoewel er fouten gemaakt kunnen worden, kan daar ook van worden geleerd als zij zelf beslismacht en verantwoordelijkheid hebben.

 

kernwaarden B wordt overgeslagen

<allen>

  1. Wilt u zelf nog een of meer waarde toevoegen aan de acht uitspraken over kernwaarden in de vorige vragen?
    Ja
    ❍ Nee

    <Indien vorige vraag JA; door naar vraag 38>
    <Indien vorige vraag NEE: door naar vraag 39>

    38. Geef hieronder een korte omschrijving van de waarde(n) die u wilt toevoegen. Als u meer dan één waarde wilt toevoegen, begin dan met de belangrijkste. Kies voor ‘verder’ als u hiermee klaar bent.
    Diversiteit van personeel en studenten moet gewaarborgd worden, want dit draagt bij aan een diverser academisch perspectief.
    Diversiteit van curricula moet gewaarborgd worden, want zo wordt een breder begrip opgebouwd van verschillende ideeën en perspectieven. Zo kan de eerder genoemde kritisch wetenschappelijke blik en houding
    verbeterd worden.

PRINCIPES VOOR DEMOCRATISERING EN DECENTRALISERING

De volgende vragen gaan over principes die ten grondslag liggen aan democratisering en decentralisering van bestuur en organisatie van de Universiteit van Amsterdam. Kies bij elke vraag het principe van uw voorkeur. De gekleurde balletjes verwijzen naar de vier modellen voor bestuur en organisatie die de commissie ontworpen heeft. Elke antwoordmogelijkheid verwijst naar één of meerdere modellen.

Hieronder worden de vier modellen kort beschreven. Klik op ‘volgende’ onderaan de pagina om door te gaan.

Het blauwe model

  • De huidige situatie: Bestuurders nemen besluiten en ondernemings- en studentenraden op universiteits- en op faculteitsniveau hebben een beperkte adviserende en bijsturende rol (advies- en instemmingsrechten).
  • Faculteiten kennen afzonderlijke organisaties voor onderwijs, onderzoek en personeel. Binnen deze decentrale eenheden is geen formele medezeggenschap. Ze worden geleid door bestuurders die door de decaan worden aangesteld.

Het oranje duale model

  • Bestuurders nemen besluiten en ondernemings- en studentraden op universiteits- en op faculteitsniveau hebben een sterke bijsturende rol. Naast instemmings- en adviesrecht hebben zij ook initiatief- en amenderingsrecht.
  • Faculteiten kennen afzonderlijke organisaties voor onderwijs, onderzoek en personeel, met door de decaan aangestelde bestuurders. Binnen deze eenheden zal een nader te bepalen vorm van medezeggenschap worden gerealiseerd.

Het gele participatieve model

  • Raden op centraal en facultair niveau bestaande uit medewerkers en studenten bepalen het beleid. Gekozen dagelijkse bestuurders bereiden het beleid voor en voeren dit uit.
  • Binnen faculteiten komt de verantwoordelijkheid voor onderwijs, onderzoek, financiën en personeel te liggen bij decentrale eenheden per vakgebied. Deze worden bestuurd door raden bestaande uit medewerkers en studenten. Zij kiezen een dagelijks bestuur.

Het groene zelforganiserende zelfsturende model

  • Raden op centraal en facultair niveau bestaande uit medewerkers en studenten bepalen het beleid. Gekozen dagelijkse bestuurders bereiden het beleid voor en voeren dit uit.
  • Binnen faculteiten komt de verantwoordelijkheid voor onderwijs, onderzoek, financiën en personeel te liggen bij decentrale eenheden per vakgebied. Medewerkers en studenten worden in de gelegenheid gesteld om zelf de organisatie en het bestuur van deze eenheden te ontwerpen.
  • Binnen vier jaar wordt over de wenselijkheid van het voortbestaan van de facultaire bestuurslaag besloten op basis van evaluaties.

<De opties bij elk onderwerp worden in een willekeurige wisselende volgorde aangeboden. Dus de vragen zelf niet. De laatste twee opties hieronder blijven altijd op de laatste plaats staan.>

De volgende vragen gaan over zes thema’s:

  1. Het bestuur op centraal niveau
  2. Het bestuur op facultair niveau
  3. Het bestuur op decentraal niveau (dat zijn nu onderwijsinstituten, onderzoeksinstituten en afdelingen)
  4. De organisatie binnen de faculteiten
  5. Openheid van en participatie in het bestuur
  6. Het voortbestaan van de huidige faculteiten

    Wat heeft uw voorkeur als het gaat om het bestuur van de UvA op centraal niveau?

❍ Een college van bestuur, benoemd door de raad van toezicht, is verantwoordelijk voor het beleid. De centrale ondernemingsraad en studentenraad hebben beperkt instemmings- en adviesrecht en kunnen niet besluiten tot nieuw beleid

❍ Een college van bestuur, benoemd door de raad van toezicht, is verantwoordelijk voor het beleid. De centrale ondernemingsraad en centrale studentenraad krijgen meer bevoegdheden en er wordt het recht ingevoerd om besluiten te wijzigen en voorstellen te doen voor nieuw beleid

Een gekozen universiteitsraad bestaande uit medewerkers en studenten bepaalt het beleid van de universiteit. Het college van bestuur van de universiteit legt verantwoording af aan de raad. De raad kiest de leden van het college

❍ Ik heb hierover geen mening

❍ Ik ben tegen elk van de bovenstaande opties

  1. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    Medewerkers en studenten weten zelf het best hoe taken uitgevoerd moeten worden, hoe kennis overgedragen kan worden, hoe men het beste studeert of onderzoek kan doen. Het is daarom niet meer dan logisch dat studenten en medewerkers hierover zelf beleid maken, niet een groep managers dat is aangesteld door een onzichtbaar orgaan en die enkel aan dat onzichtbare orgaan verantwoording hoeft af te leggen.
  1. Wat heeft uw voorkeur als het gaat om het bestuur van de UvA op facultair niveau?

❍ Een decaan, benoemd door het college van bestuur, is verantwoordelijk voor het beleid. De ondernemingsraad en de studentenraad hebben beperkt instemmings- en adviesrecht, maar kunnen niet besluiten tot nieuw beleid

❍ Een decaan, benoemd door het college van bestuur, is verantwoordelijk voor het beleid. Iedere faculteit heeft een ondernemingsraad en een studentenraad en deze raden krijgen meer bevoegdheden. Er wordt ook amenderingsrecht ingevoerd, waardoor er voorstellen tot wijzigingen van beleid kunnen worden gedaan

Een faculteitsraad bestaande uit medewerkers en studenten, bepaalt het beleid van de faculteit. Medewerkers en studenten kiezen de leden van de raad. De decaan legt verantwoording af aan de raad, de raad kiest de decaan

❍ Ik heb hierover geen mening

❍ Ik ben tegen elk van de bovenstaande opties

  1. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    Medewerkers en studenten weten zelf het best hoe zij willen werken, onderzoeken, onderwijs geven, of studeren. Het is dan ook niet meer dan normaal dat zij toonaangevend zijn in het beleidmakende én beleiduitvoerende proces. Een decaan moet daaraan ondergeschikt zijn en een faciliterende rol aannemen.
  2. Wat heeft uw voorkeur als het gaat om het bestuur op decentraal niveau?

❍ Voorzitters van afdelingen en directeuren van onderwijsinstituten (de huidige colleges en graduate schools) en onderzoeksinstituten worden benoemd door de decaan. Zij kunnen – via de decaan – aangesproken worden door de medezeggenschapsraden van de faculteit. Er is binnen deze instituten en afdelingen geen formele medezeggenschap

❍ Voorzitters van afdelingen en de directeuren van onderwijs- en de onderzoeksinstituten worden benoemd door de decaan. Er wordt voor de afdelingen, onderwijs- en de onderzoeksinstituten een eigen vorm van medezeggenschap in het leven geroepen

❍ Decentrale eenheden zijn op een bepaald vakgebied integraal verantwoordelijk voor onderwijs, onderzoek, personeel en geld. Er is een gekozen bestuursraad bestaande uit medewerkers en studenten. Deze hebben een beleidsvoorbereidende en uitvoerende rol

❍ Medewerkers en studenten worden in de gelegenheid gesteld zelf de organisatie en het bestuur te ontwerpen van de nieuw in te stellen decentrale eenheden die verantwoordelijk zijn voor onderwijs, onderzoek, personeel en geld binnen een bepaald vakgebied

❍ Ik heb hierover geen mening

❍ Ik ben tegen elk van de bovenstaande opties

  1. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    Medewerkers en studenten weten zelf het best hoe zij willen studeren, werken en onderzoeken. Door hen de gelegenheid te geven dit zelf vorm te geven, gaat de kwaliteit van hun werk, onderzoek en studie vooruit omdat men zich eigenaar voelt over wat ze doen.

    47. Wat heeft uw voorkeur als het gaat om de organisatie op het decentrale niveau binnen de faculteiten?
    ❍ Faculteiten bestaande uit afzonderlijke afdelingen, colleges, scholen en onderzoeksinstituten
    Faculteiten bestaan uit zelfstandige decentrale eenheden per vakgebied die integraal verantwoordelijk zijn voor onderwijs, onderzoek, geld en personeel
    ❍ Ik heb hierover geen mening.
    ❍ Ik ben tegen elk van de bovenstaande opties.

    48. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    Voor elk vakgebied werkt een andere vorm van onderwijs, organisatie en onderzoek. Hoewel er overlap kan bestaan en interdisciplinaire initiatieven de ruimte moeten krijgen, weten medewerkers en studenten zelf het beste waar behoefte aan is. Een centraal opgelegde vorm heeft ook invloed op de inhoud en kan dit schaden op het moment dat de vorm voor een bepaalde discipline niet goed functioneert.

  2. Wat heeft uw voorkeur als het gaat om openheid en participatie in het bestuur en beleid van de UvA?
    ❍ De informatieverstrekking voorafgaand aan en volgend op de besluitvorming in de vergaderingen van de ondernemings- en studentenraden wordt verbeterd
    De representativiteit van raden en medezeggenschapsorganen wordt drastisch bevorderd door meer transparantie en participatiemogelijkheden. Bijvoorbeeld in de vorm van online platforms die discussie stimuleren, discussie- en beslisvergaderingen en themacongressen
    ❍ Ik heb hierover geen mening
    ❍ Ik ben tegen elk van de bovenstaande opties

    50. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    Op dit moment zijn bestuurders vaak moeilijk te bereiken en zijn de verantwoordelijkheden en mogelijkheden om te participeren onvoldoende duidelijk. Hierdoor voelt men zich minder betrokken bij het proces en gaat de kwaliteit van beleidvorming achteruit.

    51. Wat heeft uw voorkeur als het gaat om het voortbestaan en de indeling van faculteiten?
    ❍ Behouden van de huidige indeling in faculteiten
    ❍ Evaluatie van nut en noodzaak van handhaving van het facultaire niveau binnen vier jaar
    Ik heb hierover geen mening
    ❍ Ik ben tegen elk van de bovenstaande opties

    52. Als u wilt, kunt u hieronder uw antwoord toelichten.
    Ik weet niet wat dit inhoudt. Dit punt is onvoldoende uitgewerkt.

BESTUURSMODELLEN

De commissie Democratisering en Decentralisering onderscheidt vier bestuurs- en organisatiemodellen. Deze zijn combinaties van principes uit de voorafgaande vragen.

Onder de vraag staan de beschrijvingen van de bestuurs- en organisatiemodellen nogmaals weergegeven. De knop “volgende” staat onderaan de pagina.

  1. We leggen u nu de vier bestuurs- en organisatiemodellen integraal voor. Naar welk model gaat uw voorkeur uit? Klik dit aan. Rangschik de modellen in de volgorde van meeste voorkeur tot minste voorkeur.

De optie waar u het eerst op klikt verschijnt als nummer 1 in de rangorde. Als u een geselecteerde optie aanklikt, verdwijnt deze uit uw rangschikking. U hoeft niet alle opties te rangorden.

❍ Het blauwe model  (4)

❍ Het oranje duale model (3)

Het gele participatieve model (2)

Het groene zelforganiserende model (1)

❍ Ik ben tegen elk van de bovenstaande opties

❍ Ik heb hierover geen mening

  1. Als u dat wilt, kunt u uw oordeel toelichten:
    In overeenstemming met wat ik eerder heb aangegeven, ben ik van mening dat studenten en medewerkers capabel genoeg zijn om zelf te bepalen wat belangrijk is voor het werk, onderzoek of de studie die zij doen. Zij behoren daarom ook de mogelijkheid te hebben de vorm hiervan in overleg met elkaar vast te stellen, omdat de vorm wel degelijk invloed heeft op de inhoud. Men is in staat om weloverwogen besluiten te nemen en als er fouten worden gemaakt deze te herstellen. Dit doen op kleinschalig niveau maakt de betrokkenheid van mensen makkelijker waardoor het beleid beter is afgestemd op de daadwerkelijke belangen en behoeften van de betrokkenen, daarnaast maakt het het maken van fouten minder ernstig, omdat dit vaak op tijd bijgesteld kan worden en geen enorme reorganisatie vereist.

    Vier bestuurs- en organisatiemodellen
    Het blauwe model
     De huidige situatie: Bestuurders nemen besluiten en ondernemings- en studentenraden op universiteits- en op faculteitsniveau hebben een beperkte adviserende en bijsturende rol (advies- en instemmingsrechten).
     Faculteiten kennen afzonderlijke organisaties voor onderwijs, onderzoek en personeel. Binnen deze decentrale eenheden is geen formele medezeggenschap. Ze worden geleid door bestuurders die door de decaan worden aangesteld.

    Het oranje duale model
     Bestuurders nemen besluiten en ondernemings- en studentraden op universiteits- en op faculteitsniveau hebben een sterke bijsturende rol. Naast instemmings- en adviesrecht  hebben zij ook initiatief- en amenderingsrecht.
     Faculteiten kennen afzonderlijke organisaties voor onderwijs, onderzoek en personeel met door de decaan aangestelde bestuurders. Binnen deze eenheden zal een nader te bepalen vorm van medezeggenschap worden gerealiseerd.

    Het gele participatieve model
     Raden op centraal en facultair niveau bestaande uit medewerkers en studenten bepalen het beleid. Gekozen dagelijkse bestuurders bereiden het beleid voor en voeren dit uit.
     Binnen faculteiten komt de verantwoordelijkheid voor onderwijs, onderzoek, financiën en personeel te liggen bij decentrale eenheden per vakgebied. Deze worden bestuurd door raden bestaande uit medewerkers en studenten. Zij kiezen een dagelijks bestuur.

    Het groene zelforganiserende model
     Raden op centraal en facultair niveau bestaande uit medewerkers en studenten bepalen het beleid. Gekozen dagelijkse bestuurders bereiden het beleid voor en voeren dit uit.
     Binnen faculteiten komt de verantwoordelijkheid voor onderwijs, onderzoek, financiën en personeel te liggen bij decentrale eenheden per vakgebied. Medewerkers en studenten worden in de gelegenheid gesteld om zelf de organisatie en het bestuur van deze eenheden te ontwerpen.
     Binnen vier jaar wordt over de wenselijkheid van het voortbestaan van de facultaire bestuurslaag besloten op basis van evaluaties.

 

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Artikelen, Files